(On)dankbaar werk - Ode aan de leraar

Gepubliceerd op 21 maart 2025 om 17:00

Waardering is voor iedere werknemer in het land belangrijk. Het werk dat je naar eer en geweten zo goed mogelijk probeert te doen ligt, als het goed is, nauw aan het hart. Dan vind je het fijn dat je inzet wordt opgemerkt. Ieder heeft af en toe een compliment nodig. Van de toiletjuffrouw die haar schoteltje ziet vullen met blijken van waardering tot de koning die het land bestuurt ten tijde van een crisis en die in de media wordt geprezen om zijn betrokkenheid.

Wie bij verschillende werkgevers rond heeft gelopen weet; de ene werkgever is de andere niet. Waar de één zijn werknemers overlaat met presentjes en bonussen, zal de ander het houden bij (als je geluk hebt) een vriendelijk woord. Ook de ene baan is de andere niet. Wie een functie vervult waarin impopulaire keuzes gemaakt moeten worden, wordt vaak geconfronteerd met onbegrip en weerstand. Voor mij is dat een heel bekend principe.

De afgelopen weken speelde de middelbare school een grote rol in de artikelen die ik schreef. Naar aanleiding daarvan kreeg ik een verzoek: "We verwachten nu wel een ode aan het onderwijzend personeel, dat met tomeloos enthousiasme, eindeloos geduld en niet te stuiten energie probeert kinderen en pubers iets bij te brengen."

Toen ik een dag na dit bericht een oud-directeur sprak over de juiste benadering van de jeugd, werd het me duidelijk: ik mag en moet de leraren eens in het zonnetje zetten. Hun werk is immers elke dag een uitdaging.

De jeugd van 2025 is heel anders dan die van 1950. In de afgelopen jaren is er op verschillende vlakken veel veranderd. Waar de wereld van jongeren zich vroeger beperkte tot hun eigen dorp of stad, dragen ze nu de hele wereld in hun broekzak. Het internet zorgt ervoor dat alle informatie die ze moeten leren, vaak al is bekeken voordat de leraar het nieuwe onderwerp introduceert. Op elke tekortkoming in de uitleg kan direct worden gereageerd met onderbouwde argumenten.

Waarom zou je op de basisschool nog leren schrijven? Dat doet over een paar jaar niemand meer; wij typen of dicteren. En rekenen? Spreek de som in bij Siri of Google Assistent en het antwoord klinkt door het klaslokaal. Waarom zou je nog een staartdeling willen maken?

Op het voortgezet onderwijs is het niet anders. Een andere taal leren? De jeugd reist met Google Translate in de hand naar de verste uithoeken van de wereld. Je spreekt in, de telefoon vertaalt en spreekt het uit. Zo kun je gesprekken voeren met mensen met wie communiceren vroeger zonder een lange taalstudie onmogelijk was.

Waar heb je school dan nog voor nodig? Tsja… er moet uiteindelijk een papieren certificaat zijn. Jammer dan AI die nog niet kan genereren.

Gelukkig moderniseert het onderwijs. De krijtborden, waarvan het gekras je kippenvel bezorgde, zijn vervangen door digitale schoolborden. De grafische mogelijkheden zijn toegenomen, en informatie kan nu worden opgeslagen en teruggevonden in plaats van voorgoed te verdwijnen onder een stoffige wisser. (Al was het stiekem best grappig als die door de klas vloog om een slapende medestudent te wekken.)

Eén ding is er echter niet veranderd: voor de klas staat nog steeds de leraar en lerares. Iedere dag opnieuw, iedere les opnieuw. Zij zijn niet vervangen en staan aan het roer van de jonge schare die hen voor de dag of voor een lesuur zijn toevertrouwd.

Waar het respect voor hen in snel tempo daalt, blijven zij de rots in de branding voor de jeugd, die zichzelf en de wereld om hen heen iedere dag verder ontdekt. Zij zijn het die overdag de stokjes van de ouders overnemen. Die je helpen als je voor het eerst in de kring mag gaan zitten op je eigen stoeltje. Zij zijn het die je voorbereiden op de CITO-toets en je voorbereiden op de middelbare school. Zij zijn het die voor een klas staan met jongens, waarin het testosteron door de lucht vliegt, en meiden, waarvan de hormoonhuishouding vaak uit balans is. Zij wijzen de tieners op elkaars verschillen en bieden handvatten om op een juiste manier met elkaar om te gaan.

Het zijn die leraren waarvan Nederland er anno 2025 veel te weinig heeft. Natuurlijk zijn er ook leraren die het werk doen voor de baan, maar in de harten van het overgrote deel van het onderwijsgevende personeel brandt de liefde; die liefde die hen elke dag opnieuw drijft om het beste voor hun leerlingen te zoeken. Zij beginnen de les niet met de zin: “Sla je werkboek maar open op bladzijde 5, hoofdstuk 2, paragraaf 4.” Nee, zij gaan eerst op de hoek van hun bureau zitten om de klas in zich op te nemen. “Hoe is het met jullie, jongens? Nog wat moois meegemaakt in de tijd dat wij elkaar niet gezien hebben?”
Het zijn die liefdevolle leraren die proberen hun klas het juiste voorbeeld te geven, die hun leerlingen niet alleen onderwijzen in verschillende vakken, maar ook voorbereiden op het volwassen sociale leven. Het zijn die leraren die op de juiste momenten omhoog wijzen en wijzen op de Grote Leraar, Hem die elke student zijn of haar talenten heeft gegeven.

Het zijn die leraren die zelfs, met hun rug naar de klas, precies zien wat jij stiekem probeert te doen. Zij hebben je met liefde vermaand en, wanneer het niet anders kon, bleven ze bij jou in het lokaal zitten toen je na moest blijven. Het zijn die leraren waarvan je, toen je volledig in de knoop zat, een hand op je schouder voelde en die je zachtjes toefluisterden: “Mag ik vragen hoe het met je gaat?”

Zij dragen de zware verantwoordelijkheid die zij voor iedere leerling individueel moeten nemen. Ze moeten zich een weg banen door een wirwar van opgelegde methoden, terwijl ze tegelijkertijd oog moeten houden voor de persoonlijke noden van elke student. Ze moeten proberen de ongemotiveerde toehoorders te motiveren en hen enthousiast te maken voor de leerstof.

Mag ik eens wat vragen? Krijgen zij de waardering die hen toekomt? Hoe vaak zijn juist deze leraren het mikpunt van spot? Hoe vaak worden filmpjes van uitgescholden leraren niet gedeeld op het internet? Hoe vaak weigeren leerlingen naar hen te luisteren? Hoe vaak moet een leraar wel niet teleurgesteld de dag afsluiten?
Is dat dan een baan die jij zou willen bekleden?


Het is een vraag die ik eigenlijk aan hen zou moeten voorleggen, maar weet u… ondanks de ondankbaarheid die ze dagelijks ervaren, verwacht ik dat de meeste leraren zouden zeggen: “Natuurlijk wel! Want mijn baan is de mooiste ter wereld. Ik krijg de kans om die jongen en dat meisje te steunen en hen voor te bereiden op hun volwassen leven. Dan ben ik dankbaar wanneer ik een hand krijg met de woorden: 'Bedankt, meester!' Of wanneer ik een leerling met dankbare ogen naar me zie kijken als ik hem een compliment geef. Dan vullen tranen mijn ogen wanneer ik denk aan het moment dat de klas niet meer onder mijn hoede valt, want dan ga ik al die jongens en meisjes hartelijk missen. Maar ik weet ook dat het afscheid mij weer de kans geeft om een nieuwe groep studenten te onderwijzen. Daar mag ik al naar uitkijken.

Dan lijkt mijn baan wellicht ondankbaar, maar dan heb ik, als leraar, het dankbaarste beroep dat ik me kan heugen!"

Johannes R

 

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.